De historische reis van de US Open Grand Slam

Toeschouwers die vanaf de bovenste ring van Arthur Ashe Stadium de US Open naar een wedstrijd kijken, met daaronder de blauwe hardcourtbaan in beeld

De US Open is een van de vier Grand Slam-toernooien, en van die vier is het misschien wel het toernooi dat het minst aan zijn eigen traditie gehecht is. Terwijl Wimbledon zich aan strikte regels houdt en Roland Garros trouw blijft aan gravel, heeft de US Open zijn ondergrond, zijn regels en zelfs zijn speelschema vaker gewijzigd dan enig ander groot toernooi, en heeft het die bereidheid tot verandering tot een onderdeel van zijn identiteit gemaakt.

Waar het allemaal begon

Het toernooi ging in 1881 van start als het Amerikaanse nationale kampioenschap, dat op gras werd gespeeld in Newport, Rhode Island, en uitsluitend voor mannen was bestemd. Vrouwen werden in 1887 toegelaten, zes jaar nadat het mannentoernooi van start was gegaan – een vroeg teken dat het toernooi sneller dan de meeste andere toernooien de weg naar inclusie zou blijven inslaan.

De grootste verandering vond plaats in 1968, toen de sport het Open-tijdperk betrad. Amateurs en professionals konden eindelijk op dezelfde baan tegen elkaar spelen, waardoor een beschaafd tijdverdrijf vrijwel van de ene op de andere dag uitgroeide tot een lucratieve sport.

Drie ondergronden, één toernooi

Geen enkel ander Grand Slam-toernooi heeft zo vaak van ondergrond gewisseld als de US Open. Het toernooi werd bijna een eeuw lang op gras gespeeld, totdat de slijtage en de onderhoudskosten moeilijk te rechtvaardigen waren. Van 1975 tot 1977 volgde een korte overstap naar groene gravel, waardoor het spel langzamer werd en rally’s vanaf de basislijn de voorkeur kregen boven serve-and-volley.

In 1978 werden er hardcourtbanen aangelegd op de nieuwe locatie van het toernooi in Flushing Meadows, en sindsdien zijn ze daar gebleven. Deze ondergrond is snel maar eerlijk, en past bij een breder scala aan speelstijlen dan gras of gravel ooit hebben gedaan.

Een toernooi dat steeds weer vernieuwingen doorvoert

De US Open was in 1970 de eerste die de tiebreak invoerde, waarmee een einde kwam aan de marathonachtige sets met voortdurende gelijkstand die vroeger kenmerkend waren voor beslissende sets. Vijf jaar later werd het de eerste Grand Slam die mannen en vrouwen gelijk beloonde, een besluit dat andere Grand Slam-toernooien pas jaren later volgden.

In 2001 was het een van de eerste toernooien ter wereld waar elektronische lijnbeslissingen werden ingezet, waardoor een paar controversiële beslissingen van de scheidsrechter werden ingeruild voor een systeem waar zowel spelers als fans meer vertrouwen in hadden. En sinds 2016 zorgen de uitschuifbare daken boven de hoofdstadions ervoor dat regenonderbrekingen grotendeels tot het verleden behoren, waardoor avondwedstrijden volgens schema kunnen doorgaan.

Wedstrijden waarover mensen nog steeds praten

De wedstrijd tussen Jimmy Connors en Björn Borg in 1976 bracht twee totaal verschillende speelstijlen tegenover elkaar: de agressiviteit van Connors tegenover het geduld van Borg vanaf de basislijn, en juist dat contrast zorgde ervoor dat het toernooi internationaal op de kaart kwam te staan.

In 2001 speelden Serena en Venus Williams de eerste Grand Slam-finale tussen twee zussen, een wedstrijd die veel verder reikte dan tennis alleen en nieuwe aandacht voor de sport genereerde. Tien jaar later redde Djokovic twee matchpunten tegen Federer in een halvefinale die tot op de dag van vandaag nog steeds wordt herhaald.

Het toernooi staat er ook om bekend dat er vaak tienerkampioenen en outsiders uit voortkomen. Tracy Austin won op haar zestiende een titel, en Emma Raducanu wist zich via de kwalificaties te plaatsen en won in 2021 het hele toernooi.

Hoe het er buiten de baan aan toe gaat

De US Open probeert niet ingetogen te zijn. Waar Wimbledon het formeel houdt en Roland Garros zijn traditie op gravel benadrukt, draait de US Open op de energie van New York: gerechten uit de hele wereld, livemuziek tussen de wedstrijden door en een publiek dat luidruchtiger is dan de meeste tennispublieken.

Arthur Ashe Stadium meer dan 23.000 toeschouwers en is daarmee het grootste tennistadion ter wereld, maar de sfeer blijft zelfs op de bovenste rijen onverminderd goed, vooral zodra de avondwedstrijden van start gaan.

Wat u moet weten voordat u boekt

Tickets snel uitverkocht, vooral voor de tweede week. Als een bepaalde wedstrijd belangrijk voor je is, zorg dan dat je zo vroeg mogelijk begint met plannen zodra de data bekend zijn.

Met een ‘ground pass’ krijg je toegang tot de buitenbanen en de trainingen – een goede manier om opkomende spelers van dichtbij te zien voor een lagere prijs. Met gereserveerde zitplaatsen in het Arthur Ashe- of Louis Armstrong-stadion ben je verzekerd van een goed uitzicht op de hoofdtoernooien. VIP- en hospitality bieden bovendien toegang tot de lounge en catering, en zijn bedoeld voor gasten die meer willen dan alleen een zitplaats.

De prijs hangt af van de wedstrijd, de baan en hoe kort voor de finale je de kaart koopt. Het is een secundaire markt, dus de prijzen schommelen naargelang de vraag en liggen niet vast.

Elk US Open-ticket dat via Tennis Ticket Service de garantie dat de zitplaatsen naast elkaar liggen en een eenvoudig boekingsproces, van de eerste ronde tot en met de finale.

Waarom het de moeite waard is om deel te nemen

Geen enkel ander Grand Slam-toernooi weet geschiedenis en vernieuwing zo te combineren als de US Open. Het toernooi heeft respect voor zijn afkomst, maar staat tegelijkertijd open voor verandering op vrijwel elk gebied, van de ondergrond tot de technologie.

Of je er nu bent voor het tennis of voor de beleving eromheen, je krijgt het allebei. Voor veel mensen die er één keer naartoe gaan, wordt het het toernooi waar ze steeds weer naar terugkeren.

Bekijk tickets voor de US Open